Koperen aardingsrail op stalen kabelgoot met zware aardingskabels, omgeven door staalconstructies en leidingen in industriële installatie.

Waar plaats je een aardrail in een installatie?

Donna Plomp ·

Een aardrail plaats je zo dicht mogelijk bij het aardpunt van de installatie, bij voorkeur direct naast of onder de hoofdverdeler in de installatiekast. Dit zorgt voor een korte, lage-impedantieverbinding naar aarde en minimaliseert het risico op spanningsverschillen in het systeem. In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over de plaatsing, uitvoering en veelgemaakte fouten bij het monteren van een aardrail.

Welke functies vervult een aardrail in een installatie?

Een aardrail verzamelt alle aardverbindingen van een installatie op één centraal punt en verbindt deze met de hoofdaardleiding. Zo ontstaat een gecontroleerde, veilige afvoer van lekstromen en storingsspanningen naar aarde. Dit beschermt zowel mensen als apparatuur tegen gevaarlijke aanraakspanningen.

Concreet vervult een aardrail drie functies:

  • Bescherming van personen: Bij een isolatiefout leidt de aardrail de foutspanning snel af, waardoor de aardlekschakelaar of zekering kan ingrijpen.
  • Bescherming van apparatuur: Storingen en overspanningen worden afgeleid voordat ze schade aanrichten aan gevoelige componenten.
  • Referentiepotentiaal: De aardrail stelt een gemeenschappelijk nulpotentiaal vast voor alle aangesloten onderdelen, wat een storingsvrije werking bevordert.

In industriële installaties speelt de aardrail ook een rol in de EMC-beheersing. Door alle massa-aansluitingen samen te brengen op één rail verklein je de kans op rondlopende stromen die elektrische storingen veroorzaken.

Waar in de installatiekast wordt een aardrail gemonteerd?

Een aardrail wordt gemonteerd op de DIN-rail of direct op de bodemplaat van de installatiekast, zo dicht mogelijk bij de aardaansluiting van de kast zelf. In de meeste gevallen is dat onderaan de kast, naast of direct onder de hoofdverdeler. Dit verkort de aardleidingen en vermindert de impedantie van de aardverbinding.

De exacte positie hangt af van de kastindeling, maar de vuistregel is: hoe korter de verbinding tussen de aardrail en het aardpunt van de kast, hoe beter. Monteer de rail op een vaste, geleidende ondergrond zodat er een goede mechanische en elektrische verbinding ontstaat. Gebruik hiervoor de daarvoor bestemde bevestigingsklemmen of schroeven die direct contact maken met de metalen kastwand of bodemplaat.

In grotere kasten met meerdere compartimenten kun je per compartiment een lokale aardrail plaatsen. Die verbind je vervolgens met de hoofdaardrail via een aparte aardleiding.

Hoe ver mag een aardrail verwijderd zijn van de aardaansluiting?

Er is geen vaste maximale afstand wettelijk vastgelegd, maar de norm NEN 1010 schrijft voor dat de aardleiding zo kort mogelijk moet zijn om de impedantie laag te houden. In de praktijk geldt: houd de verbinding tussen de aardrail en het aardpunt bij voorkeur onder de 50 centimeter. Hoe langer de leiding, hoe hoger de inductantie en hoe minder effectief de aardverbinding bij hoge foutstromen.

Bij industriële installaties met grote foutstromen is een korte aardleiding nog belangrijker. Een langere aardleiding verhoogt de impedantie, waardoor de foutspanning langer aanwezig blijft voordat de beveiliging ingrijpt. Dit vergroot het risico voor personen en apparatuur. Gebruik bij grotere afstanden een aardleiding met een grotere dwarsdoorsnede om de impedantie te compenseren.

Wat is het verschil tussen een hoofdaardrail en een lokale aardrail?

Een hoofdaardrail is het centrale verzamelpunt voor alle aardverbindingen in een installatie en is direct verbonden met de hoofdaardleiding naar de aardelektrode of het aardingsnet. Een lokale aardrail verzamelt aardverbindingen in een deelinstallatie of subkast en is via een aparte aardleiding verbonden met de hoofdaardrail.

Het verschil zit in de hiërarchie en de positie in het systeem:

  • De hoofdaardrail bevindt zich bij de hoofdverdeler en vormt het aardingsnulpunt van de gehele installatie.
  • Lokale aardrails bevinden zich in subkasten, machinepanelen of veldkasten en zijn ondergeschikt aan de hoofdaardrail.
  • De verbinding tussen een lokale aardrail en de hoofdaardrail moet altijd een ononderbroken, geïdentificeerde aardleiding zijn.

In grote industriële installaties met meerdere schakelkasten is deze hiërarchische opbouw standaard. Ze zorgt ervoor dat elke deelinstallatie een eigen, betrouwbaar aardpunt heeft zonder dat de aardleidingen door de hele fabriek hoeven te lopen.

Welke materialen en uitvoeringen zijn geschikt voor een aardrail?

De meest gebruikte uitvoering is de koperen aardrail, vanwege de uitstekende geleidbaarheid en corrosiebestendigheid van koper. Daarnaast zijn aardrails verkrijgbaar in verzinkt staal en roestvast staal (RVS). De keuze hangt af van de omgeving, de stroombelasting en de vereiste corrosiebestendigheid.

Een overzicht van de gangbare materialen:

  • Koperen aardrail: Hoge geleidbaarheid, geschikt voor de meeste industriële omgevingen. De standaardkeuze in schakelkasten en verdeelkasten.
  • Verzinkt stalen aardrail: Goedkoper, minder geleidend dan koper, maar voldoende voor toepassingen met lagere stroombelasting.
  • RVS-aardrail: Geschikt voor agressieve omgevingen zoals de voedingsindustrie of chemische industrie, waar corrosie een reëel risico is.

Qua uitvoering kies je afhankelijk van de toepassing voor een rail met aansluitklemmen, boorgaten of een combinatie. Let bij de aanschaf ook op de raillengte en het aantal aansluitpunten dat je nodig hebt. Maatwerk is mogelijk als standaardlengtes niet passen.

Welke fouten worden het vaakst gemaakt bij het plaatsen van een aardrail?

De meest voorkomende fout is het plaatsen van de aardrail op te grote afstand van het aardpunt, waardoor de aardleiding onnodig lang wordt en de impedantie toeneemt. Andere veelgemaakte fouten zijn een slechte mechanische bevestiging, het gebruik van verkeerde kabelschoenen en het niet labelen van aardverbindingen.

Hier zijn de fouten die je het vaakst tegenkomt:

  • Te lange aardleiding: Verhoogt de impedantie en vermindert de effectiviteit van de aardverbinding.
  • Slechte mechanische verbinding: Een loshangende rail of een rail die niet direct contact maakt met de kastwand geeft een onbetrouwbare aardverbinding.
  • Verkeerde kabelschoenen: Het gebruik van kabelschoenen die niet passen bij de draaddoorsnede of het railtype veroorzaakt een hoge contactweerstand.
  • Niet labelen van aardverbindingen: Bij onderhoud en storingen is het dan onduidelijk welke leiding waarvandaan komt, wat de kans op fouten vergroot.
  • Mengen van PE en PEN op dezelfde rail: In TN-C-S-systemen moet je PE en PEN gescheiden houden na het splitspunt. Dit samenvoegen op één rail is een veiligheidsfout.

Controleer bij elke installatie of revisie ook de aanhaalmomenten van de schroefverbindingen. Een losgetrilde klem door trillingen in de machineomgeving is een veelgeziene oorzaak van intermitterende aardfouten.

Hoe Gohres helpt met industrial support voor jouw installatie

Wij leveren een breed assortiment aan industrial support-producten dat je direct kunt inzetten bij de opbouw en revisie van industriële installaties. Denk aan Unistrut-profielen, pijpbeugels, ladderbanen en stafmateriaal in staal, aluminium en RVS. Zo heb je alle benodigde constructieve onderdelen voor kabelgoten, railbevestigingen en installatieframes bij één leverancier.

Wat wij bieden:

  • Uitgebreid assortiment industrial support-producten uit voorraad
  • Maatwerk op aanvraag voor afwijkende maten of specificaties
  • Eigen bezorgdienst met levering op jouw gewenste datum en locatie
  • Snelle offerte via onze productencatalogus

Wil je weten welke producten het beste passen bij jouw installatieproject? Neem contact met ons op en we denken graag met je mee.

Gerelateerde artikelen